|
Het prepensioen biedt u de mogelijkheid om eerder te stoppen met werken dan met 65 jaar. De richtleeftijd loopt van 61 tot 62 jaar, maar eerder of later kan ook.
Opbouw prepensioen Het (ouderdoms)pensioen dat u opbouwt, is bedoeld als aanvulling op de AOW vanaf 65 jaar. Gaat u eerder met pensioen, dan ontvangt u nog geen AOW. Om de tussenliggende periode te overbruggen is het prepensioen bedoeld. Deelnemers die zijn geboren voor 1950 bouwen een prepensioen op. Deze prepensioenregeling is ingegaan op 1 januari 1997.
U bouwt vanaf 1997 voor ieder deelnemersjaar 2 procent van het pensioengevend salaris van dat jaar op. Uw pensioengevend salaris is uw brutojaarsalaris inclusief vakantietoeslag en eindejaarsuitkering.
Overgangsregelingen Omdat oudere deelnemers vanaf 1997 niet een volledig prepensioen kunnen opbouwen, zijn er verschillende overgangsmaatregelen. U kunt hiervoor alleen in aanmerking komen, als u op de prepensioendatum nog deelnemer bent. Welke overgangsmaatregelen voor u gelden, hangt vervolgens af van uw geboortejaar. Tot en met geboortejaar 1946 worden de gemiste jaren volledig aangevuld. Hierna worden de gemiste jaren gedeeltelijk aangevuld, vanaf 90% bij geboortejaar 1947 tot 70% bij geboortejaar 1949. Deze aanvulling vindt plaats op basis van het pensioensalaris zoals dat van toepassing was in 2004, onder het tot 31 december 2004 geldende reglement.
40-jaren-regeling Bent u vóór 2009 40 jaar in dienst van een of meer bij het pensioenfonds aangesloten bibliotheekinstelling(en), en heeft u in deze periode pensioen opgebouwd, dan geldt mogelijk voor u een andere regeling. Ook hierover is bij de administrateur nadere informatie beschikbaar. |